- DataBewijst, Datajournalistiek, Portfolio, Reflectie

Veiligheidsmonitor

Begin mei zaten we samen met het DataBewijst-team om te bespreken wat we de komende weken nog graag wilden doen. Het kwam erop neer dat we alle vier nog een datajournalistieke productie wilden maken. We zijn zoveel bezig geweest met de ontwikkeling van DataBewijst op het gebied van ondernemerschap, maar we wilden ook onszelf ontwikkelen als datajournalisten. Zo wilden we extra ervaring opdoen met het analyseren van data. Daarom besloten we om ons op te splitsen in twee groepen: Stephanie & Eline en Cédric en ik. Op die manier hadden we allemaal een keer met iemand anders gewerkt (voor mezelf: fileproductie met Eline, Dodenherdenking met Stephanie). Uiteindelijk gingen Cédric en ik aan de slag met de Veiligheidsmonitor, een databestand van het CBS. Dan hoefden we zelf geen data meer te verzamelen, maar konden we direct aan de slag gaan met betrouwbare data. 

Alle stappen die Cédric en ik hebben gezet, staan in onderstaand bestand. Hier hebben wij elke stap omschreven en de achterliggende reden toegelicht. Ook onze reflectie en vervolgstappen staat in het bestand.

Competenties

– Publieksgerichtheid: In de pre-productiefase is er contact gezocht met het publiek. Door een poll op de social media van DataBewijst te plaatsen, kon er worden gepeild wat voor nieuwsbehoefte het publiek heeft. (Wel moet hier een kanttekening worden geplaatst: er waren maar weinig respondenten op de poll, vanwege het beperkte bereik van de DataBewijst-kanalen.) Van tevoren zijn er door het DataBewijst-team al drie onderwerpen (op regionaal gebied) uitgezocht om de journalistieke relevantie te bepalen. Door het onderwerp te richten op regionaal gebied kon er al snel een specifieke doelgroep worden gekozen. Dat is ook mede de reden dat Cédric en ik de regionale media van Overijssel hebben benaderd, aangezien deze redacties thuis zijn in de ontwikkelingen en meespelende factoren in de betreffende regio. De werkwijze van deze productie is per stap gedetailleerd beschreven in een bestand van ruim twintig pagina’s. Dit komt de transparantie ten goede. 
Bij het daadwerkelijk produceren wordt er ook nog waarschijnlijk via social media (bijvoorbeeld Facebook-groepen) contact gezocht met het publiek, aangezien zij de regio beter kennen dan wij. Mede afhankelijk van de uitkomsten van de enquêtes (de persoonskenmerken van de respondenten die de dataset hebben gevormd) in Almelo kunnen wij hierop inspelen bij het benaderen van het publiek. Het publiek betrekken bij de productie heeft een toegevoegde waarde, doordat het publiek de regio beter kent en de data persoonlijker en menselijker maakt.

– Researchen: De dataset komt van een betrouwbare bron: het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hierop staat extra uitleg over wat de data voorstelt en hoe de dataset is samengesteld. Dit bood inzicht in de juiste interpretatie van de verkregen cijfers (zoals dat het een steekproef is). Verder is er een extra bron gevonden: de databank van de Veiligheidsmonitor zelf. Deze bron gaf nog meer nieuwe informatie en data die de validiteit van het onderzoek ten goede kwam. Tijdens de data-analyse is er gekeken naar opvallendheden en vergelijkingen en is er rekening gehouden met meerdere invalshoeken, zoals: 
– specifieke onderwerpen van de Veiligheidsmonitor
– de toegevoegde waarde van de dataset over de persoonskenmerken van de respondenten 
– de verschillende steden in dezelfde regio. 
Door research te doen op het internet (bij de regionale media) is er gezocht naar mogelijke verklaringen van de data en andere factoren die meespelen bij (on)veiligheidsgevoelens. Verder is er contact opgenomen met het CBS om extra uitleg te vragen en inzicht te krijgen in het samenstellen van de dataset. 

– Produceren: Hoewel er nu nog geen daadwerkelijke productie uit het onderzoek is gekomen, is er al veel werk verzet in het proces. De data is complex en alle factoren moeten goed in kaart worden gebracht om een betrouwbare en totale productie te maken. Het is een langetermijnproductie die hopelijk online zal worden gepubliceerd op een van de sites van de drie regionale media in Overijssel. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een artikel of kaart zijn. Er is al contact opgenomen met TC Tubantia. Na de assessments zal ik samen met Cédric verder werken aan de productie. Na de analyse van de vijf steden in Overijssel hebben we nu onze pijlen gericht op Almelo, waardoor we doelgerichter te werk kunnen gaan. Alle informatie die we hebben verzameld kunnen we nu zorgvuldig selecteren op relevantie voor Almelo. We zullen in ieder geval in gesprek gaan met de gemeente, bewoners en de regionale media. Ons doel is publiceren, maar dat willen we wel op de correcte manier doen. Om deze kwaliteit te bereiken is extra tijd nodig. 

– Vernieuwen: Meerdere media hebben al eerder bericht over de uitkomsten van de Veiigheidsmonitor. Cédric en ik richten ons dieper op het totaalbeeld van één regio/stad. We willen niet klakkeloos de uitkomsten publiceren; we willen op een innovatieve manier de cijfers verwerken in een productie. Dat is reden dat wij zoveel tijd hebben gespendeerd aan de data-analyse en de juiste interpretatie van de cijfers. Het betrekken van de extra opgevraagde dataset (over persoonskenmerken) biedt daarnaast nieuwe (menselijke) inzichten aan de statige cijfers. Deze datajournalistieke productie wordt gepitcht bij regionale media, waardoor wij hen een mogelijkheid bieden om een laag dieper te gaan.

– Reflecteren: Zelfs toen ik dacht dat een kant-en-klare dataset veel tijd zou besparen, had ik het mis. De stap van de data verzamelen is weliswaar overgeslagen, maar de data-analyse en interpretatie van cijfers vroegen veel meer van me dan ik van tevoren had ingeschat. Dit was erg leerzaam voor mijn ontwikkeling als datajournalist. Cédric en ik hebben bijvoorbeeld geleerd dat onze werkwijze niet de meest effectieve was. Hoewel we de dataset in het begin al flink afgekaderd hadden op één regio, was de informatie nog steeds te omvangrijk. We hadden vanaf het begin specifieker moeten zijn in het bepalen van het onderwerp, dat had veel tijd gescheeld. Verder is het zaak om van tevoren te controleren of er nog andere websites zijn met aanvullende data. Zo kwamen wij pas laat in het proces achter het bestaan van de databank van de Veiligheidsmonitor. Dit was een fout die voorkomen had kunnen worden. Als laatste leerpunt (met name voor datajournalisten), is het zo belangrijk om elke stap vast te leggen in een document. Cédric en ik hebben veel met terugwerkende kracht onze stappen moeten opschrijven. Dit zullen wij in het vervolg direct verwerken in een bestand om onze beweegredenen, werkwijze en bronnen direct in te kunnen zien. Ondanks onze (knullige) fouten ben ik trots op deze samenwerkingen met Cédric, zeker in vergelijking tot voorgaande producties. We zijn gestructureerd aan het werk gegaan en hebben goed de tijd genomen om alles in kaart te brengen. De kwaliteit van de productie gaat boven snelheid, zeker bij datajournalistiek. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.